HOME > ACTUEEL > NIEUWS > Boerentroonrede 2026

Boerentroonrede Tim Moermans

Boerentroonrede 2026

De Boerentroonrede; een jaarlijkse traditie georganiseerd door de BioAcademy en Stichting Demeter, waarin een boer zich uitspreekt. Dit jaar mocht Tim Moerman van biodynamische boerderij Loverendale Ter Linde in Oostkapelle, de Boerentroonrede houden. Tim houdt een krachtig pleidooi voor een sociaaleconomisch, cultureel en ecologisch duurzaam en veerkrachtig landbouw- en voedselsysteem. Deze boerderij -opgericht in 1926-  is de oudste nog bestaande biodynamische boerderij ter wereld met een unieke ontstaansgeschiedenis. De Boerentroonrede is gepresenteerd tijdens het openingsprogramma van de Biobeurs in het Omnisport Apeldoorn op 15 april. Hieronder de volledige tekst, maar luister en kijk je liever, dan kijk je hier voor de video.

—–
Honderd jaar geleden begon op deze plek, in Oostkapelle, Zeeland het verhaal van biologische en biodynamische landbouw. Twee jaar nadat Rudolf Steiner zijn landbouwlezingen had gegeven, maakte Marie Tak van Poortvliet het mogelijk dat deze landbouwprincipes om zonder chemie te boeren ook in de praktijk konden worden gebracht. Ze stichtte Cultuurmaatschappij Loverendale.

Marie Tak van Poortvliet was in eerste plaats een invloedrijke kunstmecenas, maar werd na een lezing van Pfeiffer, een vertrouweling van Rudolf Steiner,  enthousiast over de principes van de biodynamische landbouw. Op één van de boerderijen die haar familie in bezit had, stelde ze diezelfde Pfeiffer aan als directeur en werd geleidelijk overgegaan van de gangbare naar de biodynamische landbouwmethode. Het was de aftrap van een stukje woelige landbouwgeschiedenis op Walcheren.

Er is in Oostkapelle heel veel geëxperimenteerd en geïnitieerd. Zowel landbouwkundig als organisatorisch ging het ene decennium al beter dan het andere. Toen ik in 2010 als stagiair in de veehouderij, voor het eerst voet zette op het erf, was het een verzameling van vijf verschillende ondernemingen. Het ene stichtingsbestuur na het ander viel, en er was nood aan duidelijkheid en overzicht. In 2020 zorgde de fusie tussen Stichting Loverendale en Grondbeheer voor die nodige duidelijkheid en werd aan een nieuwe hoofdstuk begonnen.

Vandaag is Loverendale Ter Linde het oudste nog werkend biodynamische landbouwbedrijf in de wereld. Het bedrijf omvat 160ha, waarvan een tuinderij van 2ha, 30ha boomgaard met koel- en sorteercapaciteit ook voor derden, een 100ha ten dienste van akkerbouw en veehouderij. We verzorgen 30ha natuur, verzuivelen alle melk zelf in dagverse zuivel en ijs, hebben een maalderij in aanbouw en een bakkerij, een winkel, een camping en zijn we ook op het strand te vinden in onze strandtent Marie, uiteraard vernoemd naar Marie Tak van Poortvliet. Dit alles wordt centraal aangestuurd en met een ploeg van 45 vaste medewerkers dagelijks vorm gegeven. We dragen samen  1 verhaal uit en hoewel alles op elkaar ingrijpt, is het toch in een paar kernideeën samen te vatten…

In 2003 schreef Ludo Enckels het boek “De prijs van het graan”. Een boek dat het verhaal vertelt van Bonoko, een jonge Afrikaanse boer die geconfronteerd wordt met enerzijds een broos ecologisch evenwicht en anderzijds met de nietsontziende mechanismen van de moderne mondiale economie. Het is in datzelfde jaar dat ik op een markt in Sokonne, een landbouwersdorp op het Senegalese platteland, geconfronteerd werd met Nederlandse uien en kippenpootjes. Het is daar dat bij mij als niet boerenzoon, het zaadje werd geplant om op zoek te gaan naar een alternatief voor een mondiaal landbouwsysteem die aan alle kanten kraakt en piept.

Ik heb mezelf destijds vier jaar de tijd gegeven om te beslissen hoe ik me daartoe wilde verhouden. Tijdens mijn studie sociologie had ik de tijd om te lezen, te luisteren en op zoek te gaan naar mogelijke alternatieven. Ik ging van lezing naar lezing, verslond boeken en artikels en na een jaar of drie drong de keuze zich aan me op: of ik blijf aan de zijlijn staan en ga me hoogstens als consument anders gaan gedragen, of ik gooi mijn leven om, laat de academische wereld voor wat het is en ga proberen om zelf aan een mogelijk alternatief te werken. Het is dat tweede geworden, met als rode draad de zoektocht naar passende verdienmodellen voor een duurzaam landbouwsysteem gestoeld op 3 pijlers: vlinderbloemigen, granen en herkauwers. In mijn beleving de drie elementen voor een gezond landbouwsysteem.

En even voor de duidelijkheid, de term duurzaam dan niet in de betekenis van het containerbegrip zoals we dat nu hanteren, maar in de oorspronkelijke betekenis zoals het door de Verenigde Naties in het Brundtlandrapport werd beschreven, namelijk: Ontwikkeling die voorziet in de behoeften van de huidige generatie zonder de mogelijkheden van toekomstige generaties om in hun behoeften te voorzien in gevaar te brengen. Vertaald in drie kernideeën zijnde:

  • Er zijn grenzen aan onze grondstoffen
  • Rechtvaardigheid tussen generaties en tussen landen
  • Samenhang tussen economie en milieu

Daar waar voor mij de biologische en biodynamische landbouw een alternatief leek voor dit mondiale systeem, botste ik ook al snel op de vaststelling dat er overduidelijk verschillen zijn in hoe we in de biologische en biodynamische landbouw omgaan met de concrete invulling van die landbouwpraktijk, maar dat we in de basis met dezelfde uitdagingen te maken hebben: beschikbaar- en betaalbaarheid van grond, afhankelijkheid van goeie rassen en zaden, we staan vaak onderaan de keten en financieringslasten zorgen er vaak voor dat we concessies moeten doen op de idealen. Dan hebben we het nog niet gehad over een stikstofspook dat al jaren met name over en rond Natura 2000 gebieden dwaalt en een verandering in ons klimaat die in elk geval bij ons voor beduidend drogere jaren zorgt…

Het leidt me hier te ver om de grondproblematiek in haar hele complexiteit onder de aandacht te brengen, maar iets wil ik er in elk geval wel even over kwijt. Aangezien grond misschien wel de meest schaarse grondstof in de landbouw is, zijn we het niet alleen als speculatiewaar gaan beschouwen, we zijn er de afgelopen decennia vervolgens ook in geslaagd om los van de grond te boeren. Met alle consequenties van dien. Ons huidige, op chemische inputs gebaseerde landbouwmodel stuurt namelijk eenzijdig op economische groei zonder de totale rekensom te maken van de maatschappelijke kosten die dit aan verlies aan natuur, landschap, biodiversiteit en gezondheid met zich meebrengt.

Het is mede dankzij initiatieven als Grondbeheer, dat na de fusie met Stichting Loverendale, de grond onder het bedrijf in erfpacht uitgeeft en waakt over het duurzaam gebruik van die gronden, dat wij grondgebonden kunnen boeren. Hoewel het mij ook de opdracht en verantwoordelijkheid meegeeft om in al wat ik doe ook rekening te houden met de generaties die na mij voor deze plek zorg mogen dragen, stelt het mij ook in staat om op zoek te gaan naar verdienmodellen die het faciliteren van met name bijvoorbeeld diereigen gedrag, veeleer belonen dan bestraffen. Door bijvoorbeeld alle producten van dierlijke afkomst in eigen beheer te verwerken, van meerwaarde te voorzien en rechtstreeks in de eigen winkel tot bij de consument te brengen, proberen we het gemengd bedrijf, één van de kernbegrippen van de biodynamische landbouw, ook tot een economisch haalbaar ideaal in te richten.

Met het feit dat de koeien, de varkens en de kippen naast hun landbouwkundige meerwaarde ook nog eens de percelen van het bedrijf met elkaar verbinden, ondersteund door de bijen die het bedrijf dan weer met de omgeving verbinden, hopen we bijvoorbeeld ook te kunnen laten zien dat economie, ecologie en een biodivers landschap ook hand in hand kunnen gaan.

En zo draagt landbouw dus ook onbewust en inherent bij aan de vorming van cultuur en cultureel erfgoed. Toen Marie Tak van Poortvliet de Cultuurmaatschappij Loverendale oprichtte, had ze een plek voor ogen waar landbouw, cultuur en maatschappelijke ontwikkeling samenkwamen. Een plek waar landbouw als culturele activiteit werd gezien, namelijk als vormgever van landschap en samenleving. Waarbij de plek van waaruit landbouw wordt bedreven, namelijk de boerderij, een centrale rol speelt in het maatschappelijke leven.

Dus landbouw IS cultuur. Laten we het dan in elke cultuur ook op een eigen wijze vorm geven, in verbinding met de maatschappij waar ze deel van uitmaakt. Niet met een paar homogene standaardrassen en -gewassen, maar met landrassen die zorgen voor een intrinsieke biodiversiteit en boeren de keuzevrijheid geven om zich in meer of mindere mate afhankelijk te maken van andere marktpartijen. Niet met grootschalige landbouwexport van grondstoffen, maar met een landbouw die zich richt op de productie van voedsel voor de eigen regio. Niet gebaseerd op verwerkende industrieën die niet per se voedingswaarde en gezondheid als eerste prioriteit hebben, maar met lokale ketens, waar ambacht en creativiteit prevaleren en waar verbinding kan ontstaan tussen de verschillende schakels in de keten.

Met Bonoko, de hoofdrolspeler in het boek, liep het niet goed af. Ontgoocheld en boos nam hij wraak op de bedrijven die voor hem het mondiale landbouwsysteem vertegenwoordigen. Souleyman, een leeftijdsgenoot uit het Senegalese Sokonne startte met vrienden zijn eigen kleinschalige kippenboerderij en ik, ik heb nog wat werk te verzetten, nog wat strijd te leveren, maar leef in Oostkapelle vooralsnog mijn stoutste droom in de geest van wat Marie Tak van Poortvliet voor ogen had: namelijk een gezondere samenleving gebaseerd op een samenspel van landbouw en natuur met oog voor nieuwe maatschappelijke ideeën en ontwikkelingen.

Tim Moerman

—–

Meer nieuws